populaire blogs:

  • Waar is het misgegaan?

    Het is 5 oktober en halverwege de middag als ik in de warme nazomerzon door het Belgische achterland rijd. De laagstaande zon prikt gemeen onder de zonneklep in ... [ Read More ]

    Waar is het misgegaan?
  • Kayleigh

    Vandaag ben je jarig. Hoe is het mogelijk dat je zo'n grote meid bent geworden in zo'n korte tijd. Ik weet het nog goed hoe mooi je was toen je werd geboren. ... [ Read More ]

    Kayleigh
  • Bedankt

    Iedere ochtend staan we samen op. Iedere ochtend gaan we samen onder de douche en bereiden we ons voor op een dag die komen gaat. We ontbijten samen en lezen de ... [ Read More ]

    Bedankt
  • Jeffrey

    Wat een wonder als je je eerste kind verwelkomt in de grote boze wereld. Jeffrey was de reden dat we trouwden, hij was de belichaming van de vurige kinderwens ... [ Read More ]

    Jeffrey
  • Als de dood voor de deur staat. Hoofdstuk 1

    Dit is het verhaal van Lizzy. Dit is het verhaal wat ik al enige tijd geleden heb geschreven en in de loop der tijd is uitgegroeid, het is het verhaal dat nu ... [ Read More ]

    Als de dood voor de deur staat. Hoofdstuk 1

Respect

Ik heb lang gewacht maar ik wordt zo moe van al die mensen die alles beter weten dan de hele medische, wetenschappelijke, maatschappelijke en overheidsinstanties bij elkaar. Ik mis de nuance in de Corona discussie, ik mis het positieve woord over de aanpak van de pandemie.
En omdat ik op dit moment thuis zit met Corona, heb ik extra recht van spreken vind ik. Ik geef mezelf hiervan de schuld, niet de overheid, niet het beleid. Blijkbaar heb ik ergens de 1,5 meter niet gerespecteerd bij iemand die positief was. Ik ben dus niets beter dan een ander, niet heiliger dan de paus en slachtoffer van eigen falen.

Veel mensen weten blijkbaar dat je miljoenen vaccinaties meer had kunnen geven terwijl ze er niet zijn, ik zou ze willen adviseren hier snel patent op aan te vragen. Diezelfde mensen noemen het overheidsbeleid een zwabberbeleid terwijl het openheid van zaken is.
Je moet namelijk weten dat iedere keer als iets veranderd in de situatie je daar het beleid op moet aanpassen, dat is je beleid continue actualiseren. De overheid kan namelijk nog zo veel maatregelen nemen maar als wij ze niet opvolgen werkt het beleid niet. En natuurlijk kun je daar de overheid daar de schuld van geven, maar beter zou het zijn onszelf aan te kijken want wij voeren het beleid uit. De overheid had het zich makkelijk kunnen maken: gooi de maatschappij op slot, het leger straat op om te handhaven en niemand de deur uit. Drie weken lang. Probleem opgelost, kijk maar naar China.
Dit hadden we nooit door het parlement gekregen, we zijn tenslotte, gelukkig geen politiestaat. Dus ga je maatregelen nemen die het maximale effect sorteren met minimale maatschappelijke en economische schade. Die maatregelen zijn voor het grootste gedeelte dwingend geadviseerd dus kunnen gemakkelijk in de wind worden geslagen. En dat is simpelweg de kruks. In het begin was iedereen in schok en konden we niet anders dan thuisblijven, handen wassen en afstand houden. Dat werd later minder en minder, zodat de maatregelen zwaarder en zwaarder werden. Zwabberbeleid? Nee, het beleid werd aangepast op ons falende gedrag.

“Maar we willen perspectief”, hoor ik al een jaar lang mensen roepen. “Ze geven ons geen perspectief, dat hebben we nodig”. Zelfs door enkele, ik mag toch aannemen, intelligent gedachte journalisten wordt die vraag maar herhaald. Zelfs op de persconferenties van Rutte en De Jonge, tot mijn irritatie aan toe blijven ze niet alleen vragen stellen die zojuist zijn besproken, maar blijven ze ook hameren op dat perspectief. Alsof de pandemie een financieel beleid is met een doelstelling om over twee jaar een x-percentage verbetering op iets te realiseren. Maar dat is het niet, een pandemie wordt 80% bepaald door ons gedrag en perspectief geven over een jaar wat wij met ons gedrag gaan doen is onmogelijk. En daarom kunnen ze geen perspectief geven. Om maar te zwijgen over mogelijk nog onbekende nieuwe varianten.

Ik geef toe dat ik verslaafd ben geworden aan het coronadashboard van de rijksoverheid. Het dagelijkse digitale overzicht dat iedere dag rond een uur of vier ‘s-middags beschikbaar komt. Een, toen het er nog niet was, weggehoond idee dat veel te lang duurde, tot een doodse stilte toen het er was. Is het dan echt zo dat we met z’n allen dan echt alleen maar geïnteresseerd zijn in datgene wat er niet goed is en positief nieuws gewoon niet willen horen? Niemand heb ik een positief ding horen zeggen over dit dashboard, niemand. Laat ik de eerste dan maar zijn, toppie!
Op dit coronadashboard staan de dagelijkse positieve testen, ziekenhuis opnames en het aantal gezette prikken. Wat er ook iedere dag staat is de voorraad aan vaccins. Niet het absolute aantal, maar hoe het voorraad wordt beheerd. Daar staat haarfijn en duidelijk uitgelegd hoe de voorraad wordt weggeprikt. Allereerst is er de Vaccins in controle voorraad, dit is de voorraad die binnen is maar nog niet is gecontroleerd en voorbereid voor distributie. Dan is er voor Pfizer 3 dagen veilgheidsvoorraad, Moderna minder dan 2 dagen en AstraZenica 5 dagen
veilgheidsvoorraad doordat ze onbetrouwbaar leveren. De rest wordt opgeprikt.


Eind maart waren er 298.000 AstraZenica vaccins op voorraad toen er op de pauze knop geduwd werd om tijdelijk te stoppen met dit vaccin. In diezelfde week werden er net 498.000 nieuwe AstraZenica vaccins geleverd waardoor de voorraad in een keer op liep naar ruim 700.000. Juist in die periode komt een van onze Nationale helden Ernst Kuipers bij Jinek op TV. Een prima vent volgens mij die ik enorm respecteer. Het is duidelijk, Ernst is op een missie. Ernst wil een andere vaccinatie strategie. Hij zit echter niet in de directe advies cirkel van de overheid en dat vindt hij niet leuk, dus zoekt hij andere wegen. Iedereen een eerste prik en die tweede prik veel later, dat is zijn visie. 100.000 mensen een eerste prik levert zijn ziekenhuizen meer voordeel op dan 50.000 mensen met twee prikken. Prima, misschien een goed idee, misschien ook niet. Hij gaat daar niet over want hij zit niet in die besluitmode. Goed dat hij dit kenbaar maakt in een populair praatprogramma, dat helpt zeker zijn punt op de radar te krijgen. Wat ik hem echter zeer kwalijk neem en past in het beeld dat ik in dit opiniestuk probeer over te brengen, is dat hij de tijdelijke AstraZenica voorraad misbruikt om zijn punt te maken. Jinek vraagt hem: “Ernst, snap jij waarom er zoveel voorraad is?”. Zonder te knipperen met zijn ogen zegt hij: “Nee dat weet ik ook niet, je kunt die voorraad beter gebruiken om meer mensen een eerste prik te geven”. Van iemand van zijn statuur had ik meer verwacht. Zowel Jinek als Ernst kennen het coronadashboard blijkbaar niet anders had zij de vraag niet hoeven stellen en Ernst het antwoord wel geweten. Hij heeft met die ene opmerking niet alleen het vertrouwen in de aanpak in gevaar gebracht. hij houdt de fabel in stand dat de voorraad te hoog was. Dat heeft weken geduurd die discussie.

Gisteren ben ik voor het eerst boos geworden op een TV programma, nou ja als je voetbal niet meerekent. Beau had Hugo De Jonge op bezoek. Als je Beau een beetje volgt op TV denk hij altijd uit naam van het volk te moeten spreken. Hoe hij aan de mening van het volk komt weet ik niet, misschien moet ook hij daar maar eens patent op aanvragen. Beau is op oorlogspad, al weken irriteert hij zich aan de hoge voorraad vaccins en het lage tempo. En hij zegt dat wij geïrriteerd zijn: “Nee, Beau dat wij we niet allemaal, we zouden allemaal wel heel graag willen dat sneller zou gaan, maar dat ligt aan de leveringen niet aan het tempo”.
Gisteren ging het echter met name over het besluit te stoppen met vaccinatie met AstraZenica voor 60-minners. Hij had een filmpje klaar staan van een jonge moeder met Diabetes type1 die een dochtertje heeft wat niet naar school kan uit angst dat zij haar moeder zou besmetten. Dit filmpje gaf het emotionele relaas dat haar geplande AstraZenica vaccinatie is geannuleerd en ze daar zo verdrietig over was, terecht natuurlijk. Beau is hoogst ontdaan wat Hugo haar heeft aangedaan. Buiten het feit dat deze moeder in de hoogste risicogroep zit over de laatste bijwerking van bloedstollingen, en ze dus blij moet zijn met de zorgvuldigheid die wordt getoond, geeft de Jonge duidelijk aan dat deze beslissing niet betekent dat de vaccinaties vertragingen oplopen. Dat er alleen voor de 60-minners en dus ook voor deze moeder, een alternatief vaccin wordt gekozen door de gezondheidsraad en dat zal binnen een paar dagen gebeuren, dus dan krijgt ze haar prik wel iets later ja. Tot zo ver snap ik het gesprek en lijkt het me duidelijk. Beau kijkt echter nog op zijn papiertje en lijkt wat te bedenken, want hij komt terug met iets zoals: “Dit is toch niet meer uit te leggen aan de mensen?”. Dat was het moment dat ik kwaad werd. Nog tot drie keer toe heeft De Jonge hetzelfde moeten zeggen op dezelfde vraag en Beau zijn conclusie: “Nou, ik heb er allemaal geen goed gevoel over”.

Lieve mensen, ik heb al vaker en pleidooi gehouden dat we ons ook moeten concentreren op positief nieuws. Positief nieuws helpt ons allen verder. De hier beschreven items lijken als doel te hebben gehad  om negatief nieuws in stand te houden of eigen belang bij te zetten. Misschien zijn we vergeten om te luisteren naar elkaar omdat we zo graag praten, is dat het misschien? Misschien zijn journalisten zo gedrild dat alles wat een politicus zegt niet waar is. Ook al klinkt het antwoord plausibel, het is niet waar want hij zegt het? Maar wat zou het belang van Hugo de Jonge zijn om informatie achter te houden en de situatie beter of slechter voor te doen? Waarom zou hij een slechte vaccinatie strategie kiezen, om ons te pesten? Met het Nederlands elftal hebben we ook 11 miljoen bondscouches op de bank thuis zitten, dus het fenomeen in niet nieuw.

Hugo De Jonge verdiend en krijgt hierbij mijn respect. Natuurlijk heeft hij fouten in de marge gemaakt, natuurlijk hadden er zaken beter gekund. Waar wordt gewerkt worden fouten gemaakt, simpel. Hugo keepupthegoodwork !

Misschien krijg ik met deze poging wel alle Wappies en doemdenkers over me heen, het zij zo. Ik ga nu lekker slapen om mijn eigen Corona gevecht te winnen.

P.S. Het is niet zo maar een griepje, geloof me.

Aantal keer gelezen :359

Eindelijk, we mochten weer!

Na twee jaar mochten we weer. Twee jaar wachten op het hoogtepunt van het jaar. Wel twee jaar voorpret gehad om nu eindelijk de Oostenrijkse grens weer over te kunnen steken om na 200 kilometer in het prachtige Spielberg bei Kniitenfeld aan te komen. In het Bumeltal ligt het 4,2 kilometer lange Formule 1 circuit, de Red Bull Ring, van Oostenrijk op ons te wachten.

Met z’n zevenen zijn we met twee auto’s aangekomen in het Ferienpark in Murau. Zeven race fanaten bepakt met wat schone onderbroeken, whiskey en sigaren. Meer hebben we niet nodig op zo’n weekend. We hadden gepland om woensdagnacht om 1:00 te vertrekken zodat we donderdag op tijd zijn voor de pitlane walk, een wandeling door de pitstraat. 

We zaten echter rond 22:30 te wachten totdat het 1:00 zou worden. Deze zinloze bezigheid hebben we afgebroken en onze spullen gepakt en we zijn gaan rijden om 23:00 uur.

Omdat we met de tesla gaan, moet je op een afstand van 1100 kilometer wel een uurtje of drie extra tellen voor het laden. De totale reis heeft dan ook 15 uur in beslag genomen. Op het circuit aangekomen beginnen we natuurlijk met een lekkere koude halve liter, de eerste van velen die zullen volgen. Ivm corona wordt het geen pitlane walk, maar een pitlane treintje. Als echte toeristen zitten we in een boemeltreintje de machtige machines te bewonderen, de uitlaatgassen van warmdraaiende motoren op te snuiven en de trainende monteurs op bandenwissels te bekijken. We zien Lance Strol en Vettel in het wild lopen en zwaaien naar onze helden.

Ik kon me die donderdag toch wel herinneren dat er een pandemie heerst. Die lijkt er hier op het circuit niet te zijn. Zeker, iedereen die hier loopt is negatief getest of gevaccineerd. Het gevoel zegt echter, anderhalve meter jongens, ga uit mijn corona-zone! Dit duurt ongeveer een half uur en daarna voelt het als vanouds om weer lekker schouder aan schouder op de tribune te zitten en de volgende dagen voor het podium in de Fanzone op de muziek van de Snollebollekes van links naar rechts te springen, heerlijk!

De vrijdag is de dag van de eerste en tweede vrije trainingen, maar wij kijken alles wat vier wielen heeft en zich met behulp van een motor voortbeweegt. Ons huisje is ongeveer 60 km van het circuit dus het is iedere dag een eindje rijden. Onderweg kopen we broodjes en  beleg om rond een uurtje of 9:00 op de tribune ons ontbijtje te nuttigen onder het genot van ronkende motoren, voorbijschietende auto’s, brandstoflucht en uitlaatgassen, mooier gaat het niet worden!

Of toch wel? Als Max op zaterdag pole position pakt en op zondag de overwinning op een majestieuze manier binnen harkt, blijkt het toch mooier te kunnen. Hoe mooi het ook is om er live bij te zijn, je mist altijd een aantal details van de race. ‘s-Avonds kijken we dan ook altijd de trainingen, kwalificatie en wedstrijd terug onder het genot van een whiskey of rum met een sigaar.

Het dorp Murau waar we iedere avond hebben gegeten, en alle andere dorpen, hebben een economische impuls gekregen door de naar schatting 30.000 Nederlanders die in de omgeving van het circuit zijn neergestreken. Verder dan schnitzels en pizza’s zijn we niet gekomen, maar de wiener schnitzels zijn hier wel erg lekker. Een sfeer die de Oostenrijkers overigens enorm waarderen en die je als Nederlander een trots gevoel geeft.  De manier waarop iedereen met elkaar omgaat, respect heeft voor de tegenstanders en de liefde voor de motorsport (en Max) deelt is hartverwarmend.

Een bijzondere groep waar we mee op stap zijn:

Wil, de vader van de groep die de tickets en het huisje heeft geregeld, houdt ons allemaal een beetje in het gareel. 

Rens is de echte racekenner die zelf vroeger en nu nog steeds op hoog niveau Kart. Rens heeft zoveel energie dat hij er zelf soms moe van wordt.

Simon geeft het tempo aan van de halve liters. Simon kan niet chagerijnig worden, hij is altijd blij.

Jeffrey houdt met zijn humor de sfeer in de groep. Hij geniet van ieder moment en straalt dat naar iedereen uit.

Kenny is altijd op zoek naar een feestje. Zowel binnen als buiten de groep pakt hij iedere kans om mensen ergens in mee te krijgen.

Pim, ja wat zal ik zeggen. Nou Pim zijn vrouwelijke kant is sterk ontwikkeld laten we zeggen. Als Pim een keer naar de wc is geweest, gaat hij ieder half uur. Daarnaast is Pim onze knuffelbeer en allermans vriend.

Wil, Rens, Simon, Jeffrey, Kenny en Pim, super bedankt voor het heerlijke weekend!

Aantal keer gelezen :67

Mijn Corona

Ik zit in mijn thuiskantoor en kijk uit op een prachtige struik die nu al in bloei aan het gaan is en vol in de zon haar pracht en praal aan ons laat zien. Een koolmees doet zich tegoed aan een zonnebloempit die hij behendig uit het netje met nootjes heeft gepeuterd, die we voor de vogeltjes in de struik hebben gehangen, om hem daarna vakkundig van zijn schil te ontdoen zodat hij de binnenkant op kan peuzelen.

Wat een drama, al een jaar lang gebukt gaan onder Covid-19. Bijna alles wat leuk is wordt verboden of moet onder strikte regels plaatsvinden. Niets is meer wat het was. Het vreemde gedrag van mensen onder elkaar begint al gewoon te worden.

Monique en ik besluiten een paar daagjes naar Limburg te gaan om even in een andere omgeving te zijn. In een opwelling dinsdag een hotel geboekt, de elektrische fietsen mee en genieten van het mooie weer in het heuvelachtige Zuid-Limburg. We vertrekken de volgende dag om 1,5 uur later in een bijna buitenlandse omgeving terecht te komen. Net als in friesland staat onder alle plaatsnaambordjes de Limburgse vertaling geschreven alsof de Limburgers geen Nederlands kunnen lezen, vreemd.

Ik heb al een paar dagen een verstopte neus. Onderweg naar Limburg begint het een lichte snotneus te worden. Ik schenk er weinig aandacht aan want een zakdoek heb ik niet nodig. We genieten die woensdag van het prachtige weer en van elkaar. Een mooie fietstocht door de glooiende heuvels onder een stralende zon. We komen langs het drielandepunt alwaar we van een ijsje genieten, het moet niet gekker worden. 

‘s-Avonds halen we ons eten op en dineren we op onze hotelkamer. Dat is het net niet hoor. Er stond geen fatsoenlijk eettafeltje dus we hebben het uiteindelijk op ons bed genuttigd. Eten prima, de setting was minder.

Ik heb een onrustige nacht achter de rug, veel wakker geweest en raar gedroomd. ‘s-morgens echter weer een goed gevoel dus combineren we vandaag het fietsen met het wandelen. We fietsen naar een iets verderop gelegen bos om daar lekker te wandelen. ‘s-Avonds genieten we van de Passion op TV en eten weer op ons bed.

Vrijdag gaan we terug. Wederom een onrustige nacht en de snotneus begint iets toe te nemen. Na een mooie rondrit, de Mergelroute, met de auto gaan we langzamerhand op huis aan. Ik besluit bij thuiskomst toch maar eens een wattestaaf richting mijn hersenpan te sturen. We hebben een doos met sneltesten staan dus binnen 15 minuten is er zekerheid over wel of niet Corona. Overtuigd van het feit dat de test negatief is, doop ik het in mijn neus verdwenen teststaafje in een buisje met vloeistof om de druppels in een testsetje te druppelen. Als een sprintrace rent de vloeistof naar voren om in notime het eerste streepje te activeren. Daar zou het bij moeten blijven. Nee, mijn vloeistof rent vrolijk door naar het tweede streepje. Op zich geen probleem, alleen moet het tweede streepje niet zichtbaar worden. Wel dus….

Ik ga even zitten in mijn thuiskantoor om het nieuws te verwerken. Ik kijk naar de struik in mijn tuin en zie dat er een roodborstje netjes zit te wachten totdat twee kibbelende koolmeesjes klaar zijn bij het netje en het roodborstje een nootje kan pakken. Voor de vogels in de tuin is er in de laatste drie dagen niets veranderd…..

Daar zit je dan, in de ene hand mijn positieve PCR test, in de andere mijn ziel. Een beetje snotterig meer niet, dus het is meer het idee dat je Corona hebt. Ik zeg het hardop tegen mezelf om te horen hoe het klinkt. Niet goed, het klinkt vreemd, het klinkt als iets van een ander. Ik volg het Corona nieuws al een jaar intensief en altijd ging het om zij die Corona hebben of mogelijk gaan krijgen. Het ging voor mijn gevoel nooit over mij. Ik was een toeschouwer, geen medespeler. Via Monique en haar werk in de zorg wel veel indirect mee te maken gehad, maar nooit deel van uitgemaakt. En nu ben ik direct onderdeel van de discussie, samen met Brian die ook positief is bevonden, een jonge God van 24 die het geheel, ook vanuit waterige oogjes en een loopneus, als een spannend avontuur tegemoet treed.

Gezien mijn relatief goede gezondheid, leeftijd en slanke postuur zou ik dit avontuur met vertrouwen tegemoet moeten treden. Het afgelopen jaar zijn er echter voldoende mensen door het oog van de naald gekropen waarvan ik nooit had gedacht dat ze in de buurt van die naald zouden hoeven te komen. Ik straal dus niet van zelfvertrouwen en stel me bescheiden op.

Ik laat de boel op me afkomen en isoleer mezelf in mijn thuiskantoor en slaapkamer. Brian bivakkeert tussen de speelkamer en zijn slaapkamer. Met een aparte WC zonderen wij ons als paria’s af van de rest van het gezin. Ik vermaak me de komende twee dagen wat met werken en informatie verzamelen. Ik merk dat ik als patient andere informatie zoek dan als geinteresseerde. 

Het snotterige is wat uitgebreid met een kriebelhoest en wat hoofdpijn. Dan komt de fase dat hoofdpijn en koorts de boel gaan overnemen. En dan moet je oppassen wat je lichaam gaat doen. Nu denk ik dat ik de afgelopen 25 jaar misschien drie keer een paar dagen met griep ben thuisgeweest, dus ik wist niet meer zo goed wat ik moest verwachten en mijn lichaam bleek dat ook niet meer zo goed te weten. Mijn immuun systeem heeft alle laadjes open gezet en alles in een keer uit de kast gehaald. Ik stond als een oncontroleerbare breakdancer mijn tanden te poetsen door de koude rillingen, om daarna in bed het zwetend, koud en warm te krijgen op verschillende gedeeltes van mijn lichaam. De koorts is gelukkig nooit heel hoog geweest. Deze drie dagen heb ik doorgemaakt in bed, in nederigheid en ook in angst. Angst voor het onbekende, angst voor dat prachtig mooi gekleurde balletje met zuignappen. Daar denk ik tenminste aan als ik COVID-19 ettertje zie, zo’n zachtplastic bal die vol met zuignappen zit dus als je die gooit blijft het overal op plakken. 

Want het zal mij toch niet gebeuren? Hij zal mij toch niet klein krijgen? Ik denk terug aan het boek The secret wat ik enkele tientallen jaren geleden heb gelezen en waar zeer veel waardevolle lessen in staan die ik onderdeel van mijn leven heb proberen te maken. Een van de grotere lessen is dat mensen die zich in problemen bevinden hier soms moeilijk uit kunnen komen omdat ze in die problemen blijven hangen. Als je in staat bent om voor jezelf echt te zeggen: ”Ik wil het echt anders en dit is wat ik ga doen”. Als je hier echt in geloofd en dit blijft herhalen en nastreven, gaat het gebeuren.

Een van de simpele lessen is als je maar sterk genoeg denkt aan iets wat je heel graag wilt, het ook zal uitkomen. Deze les heb ik toegepast. Ik heb me, tussen de nachtelijke monsters en drammende behoefte iedere ademhaling in een computersysteem te zetten (sorry ik verzin het niet, het komt uit mijn ijlende dromen), beziggehouden met de wil om hier goed doorheen te komen.

De nachten worden rustiger, de dagen overzichtelijker en het lichaam neemt zijn vitale functies weer serieus. De storm is gaan liggen, maar het huis is wel wat beschadigd. 

De bal met zuignapjes doet het niet meer, slechte kwaliteit, zal wel in China gemaakt zijn……..

Aantal keer gelezen :145

Ik leg het nog een keer uit

We zijn al een aantal weken bezig met de voorbereidingen van ons huwelijk in juni dit jaar. De locatie is bekend, het progamma, de muziek, de gastenlijst en vandaag was de beurt aan de fotografie. Een kennismakingsgesprek met Inge de fotografe waar we veel goeds over hadden gehoord. We maken kennis en vertellen wat onze ideeen en wensen zijn. In het gesprek gaf ik aan dat we met de fotografie een complete sfeerimpressie van de dag zouden willen hebben. Op een gegeven moment vraagt Monique aan Inge hoeveel tijd ze nodig denkt te hebben: “Anderhalf uur zegt ze”. Ik kijk bedenkelijk omdat de dag heel wat langer duurt dan anderhalf uur. Monique lijkt met het antwoord van Inge genoegen te nemen en gaat door. Even later probeer ik het toch weer even duidelijk te krijgen hoe we die anderhalf gaan inpassen in de dag die toch een uurtje of 10 gaat duren. Ik krijg niet echt het antwoord dat ik zou willen hebben, niet van Monique, nog van Inge. Nee, de dames zitten op een lijn en praten over, de volgens niets aan de verbeelding overlatende vraag, heen. Even later probeer ik het nog een keer: “Maar je kunt in anderhalf uur de dag toch niet samenvatten?”. Ook die vraag wordt niet begrepen waarna ik het opgeef.

Nu is het niet zo dat het leven tussen de dames mij vreemd is. Zeker de laatste weken waarbij Jessie vakantie heeft en in quarantaine zit, Joyce vakantie heeft en Monique weinig hoeft te werken. Vrouwen zijn nu eenmaal raar, ik begrijp ze niet, zij begrijpen mij niet. Onder het eten zijn ze me regelmatig kwijt omdat er zonder inleiding over iets gesproken wordt waar ik als enige niet weet waar het om gaat en zij wel. Ze komen niet voor niets van Venus en wij van Mars, dat zegt al genoeg toch? 

Ik besluit het gesprek van de twee dames los te laten en concentreer me op de kosten van de fotografie. Inge geeft aan wat het kost op basis van een minimum van 6 uur aanwezigheid. Als we van het feest ook foto’s willen zal het wat extra uren in beslag nemen. Ik kijk naar Monique omdat mijn kruistocht naar de verklaring van die anderhalf uur toch niet onopgemerkt zou moeten zijn gebleven. Monique kijkt niets vermoedend terug zonder enige steunbetuiging voor mijn betoog.

We keuvelen nog wat door om met de staart tussen mijn benen de woning van Inge te verlaten.

Bij thuiskomst leg ik mijn frustratie in Monique haar schoot en eis een verklaring waar die anderhalf uur nou eigenlijk vandaan komt! “Ja dat is de tijd die ze nodig heeft om foto’s van ons en onze directe naasten te maken”, vertelt ze met een verbazing van “Hoezo dan?”. “Hoezo dan?”, vervolg ik. “Dat hebben jullie toch niet gezegd dat daar die anderhalf uur voor zijn!”. “Ik heb het nog drie keer gevraagd!”. “Ja voor ons was het wel duidelijk.”……

Dames laat ik het nog een keer uitleggen hoe wij mannen functioneren. Als wij iets moeten doen, iets moeten regelen of als er iets van ons verwacht wordt, zeg het dan. Zoiets als dit: “Maarten wil je de kliko aan de straat zetten” in plaats van de kliko voor de deur te zetten en de volgende dag klagen waarom ik de kliko niet aan de straat heb gezet…

[jetpack_subscription_form title=”Abonneer je op mijn Blog via E-mail”]

Aantal keer gelezen :133

Ja, ik wil

JIk sta op het schoolplein te wachten totdat Kayleigh uit school komt. Samen met enkele tientallen vaders en moeders staan we onze kroost op te wachten. Het is bijna 12 jaar geleden als ik Monique voor het eerst echt leer kennen op het schoolplein. Omdat Kayleigh en Brian op dat moment verkering hebben, nodig ik Monique na school een keer uit voor een kop thee. In dit gesprek merk ik dat ik een bijzondere vrouw tegenover me heb zitten. Een vrouw die een scheiding achter de rug heeft tegenover een man die twee jaar eerder zijn vrouw heeft verloren. Genoeg stof om over te praten bleek.

In de jaren die volgen raken we steeds hechter met elkaar verbonden. De verkering tussen Kayleigh en Brian is inmiddels voorbij en het blijkt dat haar drie kinderen en mijn drie kinderen het heel goed met elkaar kunnen vinden. In de leeftijden tussen de 8 en 19 jaar hebben we wel de hoofdprijs “wie is de grootste puber” te pakken, maar ik moet zeggen dat we met niemand echte problemen hebben gehad. Langzaam aan begint er in die beginjaren dan ook een nieuw gezin te ontstaan. Ik niet de vader van haar kinderen, zij niet de moeder van de mijne. Nee, een gezin waarbij er ruimte is om met je eigen kinderen actief te zijn en tevens de mogelijkheid er is om samen iets op te bouwen. Een gezin van acht bijzondere karakters. Heerlijke vakanties samen, zonder enige vorm van irritatie. Drukte in de dagelijkse hectiek van werk, school en sporten. Veel humor en slappe klets, respect voor iedereen en de ruimte om anders te zijn. Het is ook de enige manier denk ik om een samengesteld gezin succesvol te maken. 

Als de jaren verstrijken zijn mijn kinderen inmiddels grotendeels het huis uit en Monique haar kinderen gedeeltelijk bij haar ex. Daardoor hebben Monique en ik steeds meer tijd voor elkaar gekregen en kunnen we vaker leuke dingen doen. We ontdekken de liefde voor theater, muziek en lekker eten. We herontdekken het carnaval en genieten van het leven en van elkaar. 

Monique heeft de laatste jaren duidelijke signalen afgegeven dat ze met me zou willen trouwen. Ik daarentegen heb het opnieuw trouwen ver van me geworpen en daar geen twijfel over laten bestaan. Het is een jaar of 6 geleden ook wel eens ter sprake gekomen met mijn kinderen, het idee of ik nog een keer zou gaan trouwen. Daar waren Jeffrey, Kenny en Kayleigh heel duidelijk over: “Nee pap, dat moet je niet doen, dat kun je echt niet maken”. 

Als Monique iets in haar hoofd heeft, moet dat er uit en het stopt pas als ze het voor elkaar heeft. Het willen trouwen hoort daar ook bij, maar door mijn stellige weigering had ze de hoop eigenlijk wel opgegeven bleek later. 

Eind vorig jaar begint er bij mij iets te veranderen wat dat aan gaat. Monique is inmiddels zo belangrijk voor me geworden dat ik haar niet alleen niet kwijt wil, maar ook wil ik een soort van gebaar maken, een soort bevestiging geven van dit gevoel. Ook zijn we het allebij een beetje beu om elkaar vriend en vriendin te noemen naar de buitenwereld toe, we voelen ons meer dan dat.

Begin dit jaar begin ik dus met de gedachte te spelen haar ten huwelijk te vragen. Omdat Monique dit jaar een zekere leeftijd heeft bereikt die het vieren van een groot feest rechtvaardigen, vind ik het een leuk idee haar op dit feest te vragen. Het feest wordt gepland in mei 2020 maar Corona steekt daar een stokje voor. Het huwelijksaanzoek parkeer ik op een plekje in mijn hoofd en we gaan door met het dagelijkse leven. Toch laat het me niet los. Inmiddels heb ik alle zes de kinderen in het geheim van mijn plannen deelgenoot gemaakt en min of meer toestemming gevraagd. Alle zes waren enorm positief hierover, en super enthousiast. Kenny zei het mooi: “Dit is het juiste moment pap, wij zijn met ons eigen leven bezig en we zien hoe belangrijk Monique voor je is”. De zegen van mijn kinderen heb ik dus.

Monique wist van niets en dat wilde ik ook zo houden. Het aanzoek moet een verassing zijn. Verder wilde ik dat alle kinderen er bij zouden zijn. Kayleigh had een idee om bijvoorbeeld iets met rozenblaadjes te doen om die uit te strooien als Monique van het werk komt. Toen ik dat idee in mezelf ging voorstellen hoe dat zou kunnen gaan, zag ik het al voor me: “Maarten, wie heeft die rotzooi hier op de grond gegooid en niet opgeruimd!” Ze zou de stofzuiger hebben gepakt en mijn goed bedoelde romantiek laten verdwijnen in de gulzige mond van de stofzuiger. 

Op 19 oktober is Jeffrey jarig en mijn plan is om op die dag het huwelijksaanzoek te doen. Iedereen is aanwezig, lekker indisch gekookt,  en Monique heeft niets in de gaten. Onder het mom van wat mooie foto’s maken van het hele gezin heb ik een fotografe geregeld die op de zuidwal in Den Bosch foto’s gaat maken. Tijdens de fotoshoot zou ik het vragen, zo had ik het met de fotografe besproken. Monique niets in de gaten, de kinderen aanwezig en we hebben van het aanzoek mooie foto’s, dat was het plan. Zo gezegd, zo gedaan. Een prachtig moment met onze prachtige kinderen en een prachtige vrouw die de gevleugelde woorden sprak: “Ja ik wil”…. 

[jetpack_subscription_form title=”Abonneer je op mijn Blog via E-mail”]

Aantal keer gelezen :248

24 september, zal het ooit wennen?

Vanochtend liep ik langs de kapstok waar nog steeds haar blauwe winterjas hangt. Ik raak hem even aan en denk terug aan de tijd dat ze hem droeg. De jas die zo kenmerkend was voor Lizzy in die periode, januari 2007. De dag in januari dat de dood voor onze deur stond en Lizzy mee heeft genomen. 

Zo lang geleden al weer en nog steeds speelt het een rol in je dagelijkse leven. Niet continue, niet altijd, niet als je druk bent en actief met de dagelijkse dingen in je leven. Maar als je even niet druk bent, niet actief met de dingen van de dag bezig bent en open staat voor de gevoelens uit het verleden, dan gaat het deurtje in je hoofd open. Dan komen de beelden en het gevoel weer terug dat Lizzy haar meerdere heeft moeten erkennen in de slagaderige bloeding in haar hoofd. Het gevecht verloren wat niet echt een gevecht was. Een verloren strijd die binnen 32 uur het leven uit haar handen heeft getrokken en mij en onze drie kinderen radeloos heeft achtergelaten.

En als het deurtje open is, gaan de gedachtes terug naar het leven dat ze wel heeft geleefd, de dingen die we wel hebben gedaan, de mooie momenten die we met elkaar hebben mogen delen. Dat en de kinderen houden je op de been en geven je de kracht om door te gaan. We hebben ooit afgesproken haar verjaardag te gebruiken om haar te herdenken en haar leven te vieren. De dag om de vrouw te herdenken en haar te bedanken voor drie prachtige kinderen en het leven dat we samen met haar hebben mogen leven. Of deze dag ooit zal wennen? Nee, hij zal nooit gaan wennen en dat is maar goed ook.

Lizzy op haar verjaardag 24 september 2006

[jetpack_subscription_form title=”Abonneer je op mijn Blog via E-mail”]

Aantal keer gelezen :294

En we fietsen door

GDe tweede dag van onze fietsvakantie gaat van start met een heerlijk ontbijtje in een klein ontbijttestaurant twee straten van ons hotel verwijderd. We gaan van start om wederom na 900 meter onze afslag weer te missen. Ook deze route eindigt met een omleiding maar mijn accu zal het volhouden, alleen een ezel stoot zich tenslotte drie keer aan dezelfde steen, wij niet, Greetje!

Van Utrecht richting Arnhem over de Utrechtse Heuvelrug en de Veluwe. Langs de perfect aangegeven knooppuntroute over bijzonder mooie fietspaden, want dat heeft Nederland. Wolfsheze, net voor Armhem. Monique heeft het wederom koud tijdens het fietsen. Vier lagen kleding en nog koud….

In Wolfsheze hebben we een Hotel gereserveerd en daar blijkt dat we niet de enige zijn die op fietsvakantie gaan want het Hotel zit vol met lotgenoten. Het vooroordeel dat somiige oudere mensen van die mopperkonten kunnen zijn wordt weer eens voor mijn neus bevestigd. Een stel van ruim boven de 70, staat bij de receptie in te checken. Een aardige receptioniste in opleiding, want een collega staat achter haar te coachen, doet zichtbaar haar best. Snippig bijt de vrouw van het stel van zich af met de aanval :”Nou ik ga eerst de kamer inspecteren of hij goed is, dan kom ik wel terug om te bevestigen!”. Later die avond in het restaurant zitten ze weer samen te zuchten en de ober is nu het slachtoffer waarom het zo lang duurt dat ze bediend worden. Later een heftige discussie waarom een menu 24,95 kost en een los gerecht maar 23,00. De ober blijft rustig en legt uit dat het erg druk is en het inderdaad wat langer duurt. Het prijsverschil ligt in het feit dat bij een los gerecht er apart nog bijgerechten moeten worden bijbesteld en bij een menu niet. Hoofdschuddend neemt de mannelijke helft van dit bejaarde echtpaar de verklaring tot zich en met een werpgebaar gooit de vrouw de menukaart, wat een redelijk boekwerk is, met een bonk op tafel. De rest van de avond praten ze nauwelijks met elkaar terwijl ze onderling op 1,5 meter van elkaar zitten misschien om zich tegen elkaar te beschermen? Ik spreek met Monique af dat als wij over 25 jaar zo zijn, we elkaar gaan eutaniseren.

Ik stel het onderzoek naar de verdacht hogere snelheid van Monique uit tot morgen omdat we de fietsen in de parkeergarage aan de laders hebben kunnen hangen.

De volgende dag slaan we de gordijnen open en kijken naar een strak blauwe lucht en een stralende zon. Monique zal het vandaag niet koud hebben. De terugweg naar huis staat op het programma. Wederom bijna 70 kilometer staat ons te wachten. Een lange rit langs de waal en mooie vergezichten zal ons deel zijn. Toch heeft Monique het koud, minder dan andere dagen maar toch. Rond lunchtijd zoeken we een plek om te plassen en wat te eten. De eerste poging mislukt omdat we niet hadden gereserveerd en het restaurant vol is. De tweede poging, een eethuisje dat een oplaadplaats voor fietsen heeft, vond het nodig wegens Corona de toiletten te sluiten. Dit feit maakt Monique schagereinig die echt heel nodig moet plassen. Een chagereinige Monique is geen leuke Monique kan ik je vertellen. Het duurt dan ook nog 10 kilometer voordat we een restaurant tegenkomen waar Monique haar blaas kan legen. Het chagerein blijft echter nog 5 kilometer naijlen nadat ze Eur. 26,00 moet afrekenen voor een thee, jus en twee broodjes.

In het kader van het onderzoek naar de verdacht hogere accu capaciteit en de hogere snelheid van Monique terwijl we dezelfde fietsen hebben en de mijne zelfs nieuwer is, stel ik voor van fiets te wisselen. Wat er dan gebeurt is bizar. Met minimale inspanning laat ik fluitend Monique ver achter mij. De kracht van haar fiets is indrukwekkend en tegelijkertijd zorgwekkend voor mijn fiets.

We ronden drie heerlijke dagen af waarin we samen ruim 200 kilometer hebben gefietst en komen veilig en met nog wat vermogen in de accu over, thuis.

[jetpack_subscription_form title=”Abonneer je op mijn Blog via E-mail”]

Aantal keer gelezen :89

Déjà vu

We hebben nog een weekje vakantie en besluiten onze elektrische fiets weer van stal te halen om eens wat kilometers te gaan maken. Een paar maanden geleden heb ik mijn eerste elektrische fiets opgehaald, maar dat liep niet goed af (https://nlgewoon-dilekli.savviihq.com/2020/05/een-spontaan-idee/).

Nu gaan we het beter doen: volle accu’s, route gepland, op tijd vertrekken en overnachting geregeld. Niets aan het toeval overlaten, de regie in handen. Max Verstappen vooraf geanalyseerd hoe hij de bochten neemt en zijn hybride energie managed. We gaan drie dagen op pad, de eerste dag naar Utrecht, de tweede dag over de Veluwe richting Arnhem en de laatste dag weer naar Den Bosch.

We vertrekken rond 11:00 uur om na 900 meter al verkeerd te rijden. We maken gebruik van de knooppunten app dus we fietsen van knooppunt naar knooppunt maar we missen het eerste bordje alweer…

Ik zou mijn kleine laptop meenemen, maar na 5 kilometer rijden besef ik dat hij nog op de keukentafel ligt. Monique heeft het na 10 kilometer met 19 graden en een vaal zonnetje ijskoud zelfs met vier lagen kleding, dus…..

De route is ruim 72 kilometer lang, dus een flinke rit voor de boeg. Na 60 kilometer kun je niet anders concluderen dat we een prachtig land hebben. Zeker op de fiets wordt je dat duidelijk. Door het rivierenlandschap over de dijken langs de rivieren. Dwars door prachtige polders met haar sloten en vennen. Dorpjes waarvan de je naam niet had kunnen verzinnen (Hei- en Boeicop), prachtige landhuizen op bijzondere plaatsen.

Ik beheer de energie van mijn accu als een pro: heb je het nodig schaal je op, kun je minder schakel je terug.  We komen via Vianen, wat overigens een schattig stadje is, IJsselstein aan in Utrecht. Nog 8 kilometer en we zijn er. Ik heb nog 9 kilometer in de accu dus we zijn lekker bezig! Geen stress, geen Déjà vu. 

Hoezo afsluiting? Langs het Merwedekanaal hebben ze 2 kilometer fietspad afgesloten. Omleiding van 5 kilometer om weer op het pad terug te komen, maakt het dat mijn accu op nul staat als we nog 3 kilometer moeten. 1 Kilometer verder gaat het display op zwart en is mijn Déjà vu geboren! Twee loodzware kilometers door het drukke Utrecht vallen mij te deel als ik met verzuurde bovenbenen hijgend bij ons Hotel in hartje Utrecht aankom.

We belonen ons in een lekker Indias restaurant nadat we in een gezellig en druk Utrecht hebben rondgewandeld, dat dan weer wel!

[jetpack_subscription_form title=”Abonneer je op mijn Blog via E-mail”]

Aantal keer gelezen :72

Nog een spontaan idee

De laatste keer dat ik een spontaan idee had was toen ik mijn electrische fiets in Nunspeet kon ophalen, wat niet goed afliep (https://nlgewoon-dilekli.savviihq.com/2020/05/een-spontaan-idee/). Dit keer is het idee twee dagen van te voren geboren om een paar daagjes naar Luxenburg te gaan. Geinspireerd door enkele mensen om mij heen, de ene die vorige week voor zaken op en neer ging en de andere die Luxemburg op zijn houtje kent. Luxemburg is maar drie uurtjes rijden en het weer is een stuk beter dan in Nederland, dus Monique en ik zeiden: “Gaan!”.

Hotels waren er nog wel dus we zijn neergestreken in Echternach wat in het Oosten van Luxemburg ligt, in het Mullerthal, een prachtig natuurgebied.

In een mooi hotel, gelegen aan een groot meer, dus we klagen niet. Vier dagen, drie nachten, even weg. Als we aankomen rond 16:00 wandelen we na het inchecken lekker rond het meer. Het is wat groter dan we dachten, dus het wordt een wandeling van 6 km. Na de wandeling gaan we het stadje in om een lekkere halve liter lokaal bier te drinken om te eindigen in een heerlijk Italiaans restaurant.

De volgende dag besluiten we de Luxemburgse natuur van dichtbij te gaan beleven. Een natuur die zich kenmerkt door grote bossen met prachtige rotsformaties die door miljoenen jaren erosie bijzondere vormen hebben aangenomen. De beste manier om de natuur tot je te nemen is door te wandelen. Een 23 kilometer lange wandeltocht door de bossige omgeving wordt om 11.00 aangevangen. Onvoorbereid, het hele avontuur was tenslotte een spontaan idee, beginnen we aan de tocht. Een pittige tocht met steile klimmen en afdalingen. Oorverdovende stilte in een prachtig bergachtige omgeving. De laatste 5 kilometer van deze 23 kilometer lange wandeltocht in inmiddels zonnig en warm weer, worden zwaar. De spieren gaan protesteren, we krijgen last van spieren waarvan we het bestaan niet wisten. Als Monique 4 kilometer voor het einde begint over: “Ik heb zin in een lekker koud colaatje met ijs”, zijn we verloren. 4 Tellen later zie ik namelijk continue een halve liter koud bier voor me waar ik niet bij kan. Je krijgt dat beeld niet weg en het maakt de laatste kilometeters tot een martelgang.

We proberen een manier te vinden elkaar te motiveren door te gaan. De 20-tal bruggetjes die we hebben overgestoken gaan we gebruiken om een spelletje te doen. We zijn romantisch met z’n tweeen op vakantie, dus het spelletje wordt in stijl. Op ieder bruggetje dat we tegenkomen moeten we elkaar kussen. Natuurlijk komen we dan geen bruggetjes meer tegen. Tot een paar kilometer voor het einde er nog een stuk of 10 bruggetjes komen….

Vermoeide voeten, pijnlijke spieren en schrale lippen is ons deel van de tweede dag in Luxemburg.

De volgende dag rollen we krakend en piepend het bed uit. We houden ons sterk en laten het elkaar niet weten maar lichaamstaal kun je niet verbergen. Het wordt dus geen sportieve dag, nee we duiken Luxemburg stad in. Een weinig spectaculaire stad met wel een aantal mooie gebouwen en winkels. Na een paar uur hebben we het wel gezien en besluiten de dag in het plaatsje Vianden. Een heel gezellig en touristisch plaatsje aan de voet van het gigantisch groot en mooi kasteel van Vianden. Door het grote aantal Nederlanders dat Vianden blijkbaar weet te vinden al die jaren, is de voertaal bijna Nederlands. We dineren lekker aan de rivier de Sure die het stadje doorkruist.

Het valt me op dat vandaag maar ook de andere dagen we weinig of geen mensen tegenkomen of zien in de straten en huizen. Buiten de toeristen en personeel in de winkels en restaurants. Ik verdenk Luxemburg er dan ook van dat het geen land is maar een park, een natuurpark. Een beetje zoals die HBO serie Westworld waarin mensen in een western omgeving terechtkomen en zich daar vermaken met de omgeving en de mensen. In de serie zijn de mensen robots, hier in Luxemburg zijn het wel echte mensen, denk ik…. Aardige mensen in een rijk park gezien de kwaliteit van wegen, huizen en hoe schoon alles is.

Het was een spontaan idee om met m’n meissie naar Luxemburg te gaan, maar dit idee is helemaal goed uitgepakt.

[jetpack_subscription_form title=”Abonneer je op mijn Blog via E-mail”]

Aantal keer gelezen :111

Een spontaan idee

EOok ik ben overstag gegaan. Ook ik heb mijn leeftijd geaccepteerd. Na Monique ben ik ook op de electrische fiets overgestapt. Als ik samen met Monique ging fietsen, was het snelheidsverschil tussen haar electrische monster en mijn conventionele tweewieler erg groot. Het werd dus tijd en die tijd was nu gekomen. 

Een fiets gekocht bij Stella in Den Bosch die ik binnen een week kon ophalen in Nunspeet. Als ik hem in Den Bosch zou willen ophalen, zou ik 4 tot 6 weken moeten wachten dus die beslissing was snel gemaakt. In een onbewaakt moment stelde ik aan Monique voor om fietsend van Nunspeet terug te fietsen naar Den Bosch. Ik ging er vanuit dat Monique met een reactie zou komen: “Doe effe normaal joh, we gaan toch niet zo’n eind fietsen?”. Maar nee, ze zegt: “Okay, da’s goed!”.

Afgelopen dinsdag was het zo ver: Met de fiets van Monique in de achterbak, brengt Joyce ons naar Nunspeet. Ruim 105km zou de fietstocht gaan duren, maar de electrische fietsen hebben een actieradius van 150km dus daar zal het niet aan liggen. Ik heb maandag nog even gebeld naar Stella om zeker te zijn dat ik een volle batterij zou hebben dus dat ze hem volledig  zouden opladen.

Om 10.00 uur komen we in Nunspeet aan en we laden de fiets van Monique uit de auto. Ik vraag aan Monique de fietssleutel maar ze zegt: “Hoezo die heb jij toch?”. “Nee die heb ik niet, ik neem aan dat jij die hebt!”. Ik heb de fiets op slot in de auto gezet in de veronderstelling dat Monique haar sleutel heeft. Dus niet…..

We staan te balen en blijkbaar valt dit gedrag op. Er komt een Stella medewerker op ons of om te vragen  of hij kan helpen. Ik leg hem de situatie uit en hij zegt: “Geen probleem, we gaan u helpen”. “Heb je een loper dan?” braag ik. Ik krijg een mompelend antwoord als hij met de fiets aan de hand zich van ons af beweegt. Ik ben benieuwd hoe hij ons gaat helpen. We lopen met de fiets naar de service afdeling en de dienstdoende medewerker is vol begrip en denkt in oplossingen, een man naar mijn hart. “Oh dat regel ik wel”. “Maar hoe doe je dat dan, heb je een loper, dan?” probeer ik mijn logische vraag nog een keer te lanceren. “Nee, die moet ik losslijpen”, zegt hij zonder blijkken of blozen. Gezien het feit dat er geen andere oplossing is, zie ik de vonken al van de fiets afspetteren. Ik laat Monique bij haar fiets achter en ga alvast mijn nieuwe fiets ophalen want daar kwamen we tenslotte voor.

Mijn fiets staat onder een feestelijke tent buiten te wachten en onder het genot van een dampend kopje koffie in de frisse ochtendwind legt de medewerker de werking van mijn  electrische stalen ros uit. Ik vertel hem van ons plan om ruim 100km naar Den Bosch te fietsen. “Ik heb de batterij direct vanochtend op de lader gelegd”, stelt hij mij gerust, “Want dat hadden ze me al doorgegeven. Ik denk echter niet dat hij vol genoeg is voor 100km”….. De teller geeft 48km actieradius op standje 5 aan. Omdat Monique nog bij de servicebalie is, leggen we de batterij terug op de lader. Joyce is inmiddels vertrokken met de auto dus er is geen andere weg terug dan met de fiets.

Terug bij de service balie aangekomen deel ik mijn teleurstelling over de accu capaciteit. De in oplossingen denkende medewerker heeft direct de oplossing paraat: “Al je via Houten fietst, kan ik wel een leenaccu regelen voor je die je in Den Bosch weer kunt inleveren”. Houten ligt gevoelsmatig tussen Nunspeet en Den Bosch, dus het klinkt als een goed plan. We kopen nog een nieuwe fietstas voor Monique en een kettingslot voor mij. 

Het is inmiddels 11:00 uur als we op weg gaan. Bij vertrek geeft de teller een bereik aan van 65km op de laagste accustand en Houten is 79km fietsen en niet op de helft dus. De medewerker heeft aangegeven dat de fiets zonder accu als een normale fiets rijdt, dus we gokken het er op en gaan het ongewisse avontuur tegemoet.

Het is een frisse ochtend en de fiets rijdt heerlijk als we ons door het Veluwse landschap voortbewegen. We rijden door prachtige bossen, leuke dorpjes en grote heidevelden. Jammer genoeg zijn alle terassen gesloten dus we genieten van onze thuis gesmeerde krentebollen en bananen op de bankjes langs de weg.

De frisse ochtendtrip ontpopt zich tot een koude tocht door het wegblijven van de zon en een stevige tegenwind. Monique heeft nog net geen blauwe lippen, maar door haar 27kg gewichtsverlies, is haar natuurlijke isolatie verdwenen en heeft ze het steenkoud. We kopen onderweg een vliesttrui en alhoewel het daarna wat beter wordt blijft ze als een tenger bloempje haar best doen de sfeer er in te houden, zonder succes….

Zoals zo vaak met batterijen, gaat ze ook hier sneller leeg dan je denkt. Het verschil bij vertrek van 14km dat ik tekort ga komen aan het einde loopt gestaag op naar 24km. Monique moet zich met fietsen inhouden omdat ik op standje 1 moet blijven rijden. Door dit verschil fietsen we niet synchroon, we fietsen al 60km en houden ons sterk, maar de twijfel begint toe te slaan zonder het uit te spreken. Ik begin mijn benen toch wel te voelen. Ik word regelmatig attent gemaakt door een bundeltje spieren aan de linkerkant van mijn dij die aandacht vragen. Ze doen dat door regelmatig een pijnscheut naar mijn hersenen te sturen waarop ik reageer met de gevleugelde uitspraak: “Au”.

Dan is het zo ver, we hebben 61 km gereden als mijn bereik op nul is aangekomen. De accu is leeg, de teller op nul en nog 20km te gaan voordat we in Houten aankomen. Alhoewel de teller op nul staat, valt me het fietsen nog niet tegen. Als echter 2km later het display uitvalt omdat het laatste beetje vermogen de batterij heeft verlaten, blijkt dat  het motortje dan pas uitvalt. Alsof er iemand met rolschaatsen aan mijn bagagedrager is gaan hangen, zo zwaar voelt het plotseling. Een kilometer later beginnen mijn benen echt te verzuren. Nog een kilometer later geeft Monique aan al een tijdje buikpijn te hebben en wordt het tijd de stalen rossen aan de kant te zetten en elkaar eens goed in de ogen te kijken. Dit is het moment om ons af te vragen waar we in godsnaam mee bezig zijn? Hebben we iets te bewijzen, aan onszelf of aan een ander? Hebben we er nog plezier of zin in? Als alle vragen met Nee worden beantwoord komt de kracht van Monique naar boven die een plan B heeft uitgedacht. Ze heeft een paar dagen geleden haar vader gebeld om te vragen als we het niet redden of hij ons zou willen komen halen. Daar zou ik niet zijn opgekomen, dus we bellen Paul op die ons een uurtje later bij de McDonalds in Huis ter Heide in de buurt van Zeist op komt halen. 

Een spontaan idee? Niet doen, gewoon niet doen….

[jetpack_subscription_form title=”Abonneer je op mijn Blog via E-mail”]

Aantal keer gelezen :141