De eerste keer dat ik Timo ontmoette was in Roemenie. In de bergachtige dorpen in het midden van dit mooie land gingen we met toeval op de foto met elkaar. Niet wetende op het moment dat de foto werd genomen dat we elkaar later zouden ontmoeten onder vervelende omstandigheden. Pas later toen we de foto wat meer in detail gingen bekijken, viel het pas op. Verscholen achter mijn borstbeen zat hij. Stil, bedachtzaam, bijna onopvallend als een sluipmoordenaar te wachten op zijn kans. Te wachten tot hij toe kon slaan. Nu nog relatief klein, zo’n 5 cm, maar langzaam groeiend tot een monster wat tot alles in staat zou kunnen zijn. Op de foto poseert hij zich professioneel en ziet hij er aardig uit maar zeker weten doe je dat niet. Of hij goed- of kwaadardig is dat weet je nu nog niet.
In Roemenie lagen Monique en ik te herstellen van een auto ongeluk waarbij Monique haar borstbeen en twee ribben had gebroken en ik alleen mijn borstbeen. De rollercoaster van emoties van de botsing, de ambulance en de eerste hulp is nog in volle gang als de behandelende arts de uitslag van de CT scan en rontgenfoto komt bespreken. “We zien een breuk in het borstbeen en de breuk staat iets verschoven tov elkaar”, begint de in gebrekkig Duits sprekende arts zijn verhaal. “Niets om je zorgen over te maken, dit moet zich binnen vier tot vijf weken herstellen, een operatie is niet nodig”. Pfff dat is een meevaller want de pijn op mijn borst en de kortademigheid doen anders vermoeden. “We hebben wel weefsel achter het borstbeen zien zitten op de CT scan”, vervolgt hij zijn betoog. Ik begreep in eerste instantie niet wat hij bedoelde omdat hij over “tissue” spreekt wat me op dat moment moeite kost te vertalen naar een medische term in het Nederlands. “Dit tissue is niet het gevolg van het ongeluk, maar zit er al langer waarschijnlijk”. “Het is niet acuut, maar als je terug bent in Nederland moet je er toch echt even naar laten kijken”. De drie dagen dat we in Roemenie in het ziekenhuis hebben gelegen, heeft hij dit een stuk of vijf keer herhaald. Maar omdat we te druk waren met het verwerken van de frontale botsing die ons naar dit ziekenhuis heeft geleid, kwam die herhaalde boodschap niet echt binnen.
Een dag of vijf later als we weer terug in Nederland zijn, maak ik een afspraak met de huisarts. Zowiezo om het medische dossier uit Roemenie over te dragen en de opmerking van de Roemeense arts voor te leggen. De huisarts stelt na mijn toelichting voor, een afspraak bij een chirug in het ziekenhuis te maken voor controle. De CT scans en rontgen foto’s heb ik op een CD meegekregen dus ze kunnen snel schakelen. De chirurg heeft de scans bekeken en stuurt naar een nieuwe CT scan, nu met contrastvloeistof door naar de longarts die meer gespecialiseerd is. Deze nieuwe CT scan geeft meer duidelijkheid. Het is een Thymoom, een tumor die ontstaat uit de Thymus wat een stukje vetweefsel is wat iedereen heeft en uiteindelijk verdwijnt, behalve bij mij. Er wordt besloten dat hij er uit moet en zo geschiedde.

Afgelopen 5 januari is de geboorte van Timo geweest, inmiddels liefkozend zo genoemd. Middels de Da Vinci robot, die het JBZ gebruikt voor dit soort operaties, komt Timo ter wereld en wordt direct beschikbaar gesteld aan de wetenschap. En zo komt een einde aan een jarenlange zwangerschap, want zo lang parasiteerde hij waarschijnlijk in mijn lichaam. Onderzoek zal de komende week moet uitwijzen of Timo goed- of kwaadaardig van karakter is geweest. Alle tekenen wijzen op een goedaardig karakter, net als zijn vader.
Aantal keer gelezen :134














